Marike de Valk

Relatietherapie Nijmegen (Beuningen)

Page 2 of 9

je partner vergeven na verraad

Je partner vergeven na verraad (7)

Je partner vergeven na verraad is misschien wel het moeilijkste wat er bestaat. In het begin moet je er misschien niet aan dénken. Pas als alle stappen in het verwerkingsproces zijn doorlopen: als je je emoties geuit hebt, als jullie samen en apart onderzoek hebben gedaan naar de factoren, die tot dit verraad geleid hebben; als jullie met elkaar de dialoog zijn aangegaan om tot nader begrip te komen en als je gerouwd hebt om het verraad en het moeten opgeven van je illusie over je relatie… Pas dan begin je toe te komen aan het thema vergeving.

Maar wat is vergeven en waarom zou je dat doen?

Vergeven is niet: vergeten of bagatelliseren

Het idee alleen al van ”vergeven” geeft mensen soms het gevoel dat ze zichzelf te kort doen. Ze vragen zich af of ze zichzelf nog wel serieus nemen, als ze ”dit allemaal maar pikken” van een partner.

Om misverstanden te voorkomen, lijkt het me daarom goed om eerst even stil te staan bij wat vergeven níet is.
Vergeven is niet hetzelfde als alles maar pikken. Het is wel degelijk belangrijk om stil te staan bij wat er gebeurd is en stil te staan bij wat dat voor jou en jullie relatie betekent.

Vergeven van je partner is ook niet het gebeuren afzwakken of bagatelliseren, om er maar geen last van te hebben.

En vergeven is dus al helemaal niet: alles onder vloerkleed vegen en maar vergeten wat er gebeurd is. Alsjeblieft niet! Je zou een grote kans laten liggen om hier zowel samen als ieder apart van te leren!

Bij alle drie deze handelwijzen (alles maar pikken, afzwakken of vergeten)  zou je zowel jezelf als je partner niet erg serieus nemen. Je houdt dan eigenlijk jezelf voor de gek. Verraad is ernstig, je voelt het in je lijf. Het vraagt – of je nu wil of niet – jullie aandacht. Je zult er alleen én samen iets mee moeten. Daarom is het hele verwerkingsproces, in voorgaande posts beschreven, ook zo noodzakelijk.

Maar wat is vergeven dan wél? En waarom is het zo belangrijk?

Afzien van wraak en vergelding

Soms blijf je ondanks het hele verwerkingsproces de behoefte voelen om het je partner betaald te zetten. Je kunt niet overstag. Misschien ben je opgevoed met het idee van ”oog om oog, tand om tand”. Misschien ben je een vechter en voelt het als verliezen als je je overgeeft. Of misschien denk je dat je pas van je pijn af kunt komen, als  je partner ook eens voelt hoe het is om verraden te worden.

Het risico van een wraak- of vergeldingsactie is echter dat je partner hetzelfde gaat denken en dat jullie zo in een neerwaartse spiraal terecht komen. Er kan een soort psychologische oorlogsvoering ontstaan, die soms ontaardt in huiselijk geweld. Of uitmondt in een vechtscheiding.

Vergeving is van oudsher bedoeld om dit risico op een geweldsspiraal te doorbreken of – liever nog – te voorkomen. De theoloog Ruard Ganzevoort geeft dan ook als definitie: ”Ik zie vergeving als het erkennen van de schuld van de ander en het afzien van het recht op wraak of vergelding.”

Vergeven is een woord uit de wereld van religie en geloof, dat gelukkig de laatste tijd ook in de psychologie weer aandacht krijgt. Wat mij betreft is het een centraal begrip in relatietherapie. Ik ben er namelijk van overtuigd dat mensen gelukkiger worden als ze leren dat vergeven een betere optie is dan wraak of vergelding. En dat vergeving een positieve invloed op relaties en op alle betrokken kinderen kan hebben:

Als partners zouden leren om elkaar te vergeven, zou dat vele (v)echtscheidingen helpen voorkomen.

Geen enkele relatie is volmaakt

Naast het afzien van wraak en vergelding vraagt vergeving ook dat je accepteert dat geen enkele relatie volmaakt is. En ook nooit zal kunnen zijn. Gewoonweg omdat geen enkele mens volmaakt is. Jij zelf niet. Je huidige partner, die jou verraden heeft, niet. En een eventuele nieuwe partner, mocht je daar al over nadenken, ook niet.

In welke relatie dan ook: confrontaties met beperkingen van jouzelf en je partner horen erbij. Verraad in kleine of grote vorm komt in elke relatie voor. Pijn en teleurstelling daarover horen erbij en zijn niet te vermijden. Daarom hoort bij vergeving ook altijd een periode van rouwen: je relatie of je partner blijkt toch niet helemaal zo te zijn als je dacht. Er sterft een verwachting of een illusie.

Een tijd geleden hadden we een wanhopig stel in therapie. Het was voor elk van hen hun derde huwelijk. Het ging weer niet goed, maar ze zagen er tegenop om voor de derde keer te moeten scheiden. Ze hadden inmiddels zelf de ervaring opgedaan dat er in iedere relatie wel íets is. Dit keer wilden ze leren om daar mee om te gaan. en gelukkig hebben we hen daarbij kunnen helpen.

Als je gelooft dat het gras bij de buren altijd groener is, kun je niet gemakkelijk vergeven. Dan denk je dat je jezelf tekort doet, als je niet voor dat groenere gras gaat. Daarom is het belangrijk om te leren inzien en accepteren dat geen enkele relatie volmaakt is. Dat aan elke relatie gewerkt moet worden en dat elke relatie zijn eigen portie aan pijn en teleurstelling met zich meebrengt.

Ik hoorde daar laatste een grappige en relativerende opmerking over:

Het gras bij de buren moet net zo goed gemaaid worden.

Slachtofferrol loslaten

Misschien betrap je jezelf er regelmatig op dat je in de slachtofferrol schiet. Je partner krijgt de schuld van al jouw ellende. Het leven overkomt je en je hebt niet meer het gevoel dat je zelf keuzes kunt maken, zelf iets aan de situatie kunt veranderen.

Soms draagt een omgeving daar ook aan bij. We horen regelmatig verhalen over familie of vrienden, die maar niet begrijpen dat je ”het nog steeds pikt”. Of dat je hem of haar ”er mee weg laat komen”. Ze blijven zou zien als slachtoffer en je partner als dader. Soms draag je daar overigens zelf ook aan bij door niet jouw eventuele eigen aandeel te benoemen.

Door in de slachtofferrol te blijven, geef je echter het heft uit handen. Je kunt uit die slachtofferrol stappen door jezelf bij elkaar te rapen en te zeggen: ”Oké, dit verraad is allemaal heel erg en pijnlijk, maar wat ga ik er nu mee doen? Wil ik me de rest van mijn leven hierdoor laten bepalen? Wil ik de rest van mijn leven en relatie de zielige partner zijn, die zoveel is aangedaan?”

Je zoekt  je eigen kracht weer op en gaat nadenken over wat jíj nu verder wil in de gegeven situatie.

Het loslaten van je slachtofferrol is een vóórwaarde om te kunnen vergeven.

Een plek in je levensverhaal

Ik las ergens: vergeven is het opgeven van de hoop dat je het verleden ongedaan kunt maken.

Hoewel het vergeven op zich volgens mij pas daarna komt, is dat opgeven van die hoop wel nodig. Het is nodig om dit stukje geschiedenis te accepteren als onderdeel van jouw leven. Jij hebt het meegemaakt, het hoort vanaf nu bij jouw levensverhaal. Er zal voortaan een periode in jouw tijdslijn zijn van vóór het verraad en van daarna. Je kunt dat niet meer ontkennen. Net als andere belangrijke gebeurtenissen maakt het jou tot wie je bent.

Een vierde voorwaarde voor vergeving is volgens mij dan ook dat je het hele verraad – of welk gedrag dan ook vergeven moet worden – een plek hebt gegeven in jouw eigen en jullie gezamenlijke geschiedenis. Je hebt alles doorgewerkt en verwerkt. Nu rest je nog om het je partner daadwerkelijk te vergeven.

Vergeven komt aan het eind van een proces

Vergeven van je partner vraagt dus veel voorwerk.  Zoals in de inleiding van deze post al beschreven, komt vergeving van je partner pas aan de orde na een heel proces van allerlei stappen.

Na dat hele proces zijn er uiteindelijk twee wegen mogelijk: je kunt zo gekwetst zijn en blijven dat je niet meer dezelfde mate van verbinding en intimiteit met hem/haar kunt verdragen. Ergens is er iets beschadigd, je muur blijft opgetrokken. Er is een afstand die je niet meer wil overbruggen. Vaak zeggen mensen dan:”Mijn gevoel is weg”. Je wil en kunt je partner niet vergeven. In je hele lijf voel je daar verzet tegen. Deze weg leidt vaak uiteindelijk tot scheiding.

De andere weg is dat je ondanks alles van hem/haar houdt. Je wil voelen dat het weer stroomt tussen jullie. Je wil het hele verraad achter je laten. Niet door te doen alsof er niets gebeurd is, maar door ervan te leren en er aan te groeien. Je wil je hart weer open zetten. Je wil je partner vergeven.

Kiezen om te vergeven

De keuze of je wil vergeven, kan voortkomen uit jouw gevoel van waarden en normen. Wellicht ben je opgevoed met een levensvisie, waarin mensen altijd weer recht hebben op een herkansing.  Misschien vind je het niet goed van jezelf als je haatdragend blijft.

Het kan ook zijn dat je een levensvisie hebt waarin liefde een belangrijke rol speelt. Het is niet moeilijk om van iemand te houden, als alles goed gaat. Maar van iemand blijven houden als je je zó verraden hebt gevoeld, dat is moeilijker. Het kan zijn dat je die liefde toch bent blijven voelen. Zoals je ook van je kind kunt blijven houden, ook al heeft die  heel erge dingen gedaan. Het kan ook zijn dat je bewust die liefde in jezelf weer op wil zoeken en een kans wil geven.

Tenslotte kan het zijn, dat je kiest voor vergeving van je partner omdat je merkt dat de boosheid zowel jouzelf als jullie relatie geen goed doet. Boosheid, die geen functie meer heeft, kan je  doen verbitteren of verzuren. Daarmee geef je de verantwoordelijkheid voor je eigen leven uit handen. Je hebt dan meer een psychologisch motief om te vergeven.

Vergeven van je partner gaat over verbinding

Veel definities over vergeven benadrukken dat je er zelf last van blijft houden als je niet vergeeft. Dat je je dan op de één of andere manier gevangen laat houden. Dat is ongetwijfeld waar.

Voor mij heeft vergeven echter niet alleen met jezelf maar juist ook met jouw relatie tot die ander, in dit geval je partner,  te maken. Het gaat erom hoe jij jezelf weer tot hem of haar wilt gaan verhouden. Je vergeeft niet om er zelf beter van te worden.

Je vergeeft omdat je het contact met je partner weer wilt herstellen.

Boosheid loslaten en je hart weer openen

Vergeven is  de laatste stap in het verwerkingsproces. Het is niets meer of minder dan je boosheid loslaten en je hart weer openen. Vergeven is een besluit én een proces. Het vraagt een bewuste keuze, maar vervolgens weet je niet of het je lukt. Je moet er soms hard voor werken.

Je weet het echter als het zover is: dan kun je naar hem of haar kijken zonder dat je keel dichtknijpt en zonder dat je een steek in je maag voelt. Zonder wrok of boosheid. Je voelt je zachter. De spanning uit je spieren verdwijnt. Je hart staat weer open.

Vergeving van je partner is:  je boosheid loslaten en je hart weer voor hem/haar openen.

 

In een volgende post ga ik nader in op hoe je je boosheid los kunt laten en hart weer kunt openen en hoe je partner daarin een rol kan spelen.

 

Lees ook: Verraad en vergeving; Zelfonderzoek na verraad ; Bewust verraad ; Dialoog na het verraad ; Rouwen na verraad ;

 

______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit.
In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742.

Hier kun je je gratis abonneren op haar blogabonneer.

 

 

 

 

 

vader stoeit met twee dochters op grasveld

Meer aandacht voor de rol van vaders

Er wordt steeds meer onderzoek gedaan naar de rol van vaders. Sinds april 2016 heeft Nederland zelfs een hoogleraar Vaderschap: Renske Keizer. Inderdaad, een vrouw. Er waren 5 kandidaten waaronder één vrouw. Toch is zij het geworden. Zelf zegt ze daarover dat dat misschien juist goed is: niemand kan haar verwijten dat ze voor eigen parochie preekt.

Vaderschapsverlof

In haar oratie – de speech bij het aanvaarden van haar hoogleraarschap – stelde ze dat we in Nederland achterlopen met onze visie op de rol van vaders en het belang van vaderschap.

Ze verwees onder andere naar het ontzettend korte bevallingsverlof voor vaders/partners(twee dagen), zeker in vergelijking met andere landen. Ook moeders hebben trouwens in de meeste landen meer verlof.

Ik las overigens in een gratis ebook van de De Praktijkvader dat je dat verlof uit kunt breiden door ook twee dagen calamiteitenverlof aan te vragen. Dan moet je wel de bevalling als een calamiteit zien :). (Ik ben het trouwens niet met alles in dat ebook eens).

Vanaf 2019 wordt het bevallingsverlof voor vaders 5 dagen. De Europese commissie heeft een paar jaar twee weken geadviseerd en Nederland heeft dat advies niet opgevolgd. Vandaag – 26 april 2017 – komt deze commissie met een wetsvoorstel, om alle aangesloten landen te verplichten om een bevallingsverlof van 10 dagen in te voeren. Renske Keizer pleit voor een maand.

Moeders moeten ruimte geven

In Nederland gaan we er volgens Renske Keizer nog teveel uit van het traditionele standpunt dat het de voornaamste taak van de moeders is om voor het gezin te zorgen en van de vaders om de hoofdkostwinnaar te zijn. Moeders besteden in Nederland gemiddeld twee keer zoveel tijd aan hun kinderen als vaders. Dit i.t.t. bijvoorbeeld de Scandinavische landen, waar de rol van vaders en de taakverdeling zo goed als gelijk is.

Ze benoemde ook dat moeders van hun troon af moeten en meer ruimte moeten maken voor vaders.

Dit komt ook overeen met mijn ervaring in mijn praktijk. Regelmatig blijkt uit de gesprekken tussen vaders en moeders dat veel moeders niet graag de zorg voor de kinderen voor langere tijd aan de vader overlaten. Ze zijn bv ongerust dat hij hen niet goed te eten geeft – wéér pannenkoeken :)- of de kinderen rare combinaties van kleren aantrekt. Dus ze koken zelf van tevoren verantwoord eten en leggen de juiste kleren klaar.

Mijns inziens gooi je daarmee als moeder je eigen glazen in. Zo blíjf jij de regie én alle verantwoordelijkheid houden en is je partner hooguit werknemer in jouw bedrijf. Hij zal op zijn beurt heel gemakkelijk de verantwoordelijkheid bij jou blijven neerleggen. Ik ben het in dit opzicht erg met Renske Keizer eens.

Keizer hekelde ook het woord ‘papadag’, omdat dit suggereert dat alle andere dagen automatisch mamadagen zijn. Dit leuke interview met haar geeft een goed beeld van haar visie en geeft wat boeiende inzichten.

Emancipatie van mannen nodig

Het goede van de emancipatie was dat vrouwen vanachter het aanrecht vandaan konden komen. Het werd geaccepteerd dat ze bleven werken, als ze trouwden (tot de jaren 60 werd een vrouw meestal ontslagen als ze trouwde!).

Het nadeel was echter dat bij veel stellen de taken binnenshuis vervolgens lang niet altijd anders verdeeld werden. Dus kregen de meeste vrouwen er door de emancipatie een taak bíj. Namelijk zichzelf ontwikkelen en mede-kostwinner worden.

En helaas is dat in veel gevallen nog steeds zo. Met als gevolg dat veel vrouwen nu overbelast zijn. Zeker perfectionistische vrouwen: ze moeten nu niet alleen de perfecte moeder, huisvrouw en partner zijn, maar ook nog de perfecte werkneemster.

De emancipatie van vrouwen is wat mij betreft dan ook nog lang niet gelukt. Er is een verandering in visie nodig bij zowel de vaders als de moeders. Veel vaders van tegenwoordig vinden vaderschap belangrijk, maar hebben nog niet in de gaten op hoeveel momenten zij de regie bij hun vrouw laten. En veel vrouwen hebben nog niet in de gaten hoe vaak zij die regie zelf vast blijven houden.

Net zoals in de samenleving: het is niet voor niets dat vrouwen nog steeds in de minderheid zijn in hogere functies, maar bijvoorbeeld ook bij praatprogramma’s ’s avonds laat. Het is ook niet voor niets dat mannen nog steeds minder voor kinderen zorgen. Daar zit een vasthouden aan oude ideeën en waarden en normen achter.

Om de emancipatie van vrouwen te laten slagen is er ook een verdere emancipatie van mannen nodig.

Vaders moeten ruimte némen

Waar de emancipatie vrouwen heeft gestimuleerd om hun rol op de arbeidsmarkt in te nemen, is het omgekeerde dus minder van de grond gekomen. Dat ligt ook aan de vaders zelf. Niet alle vaders hebben hun rol in het gezin en bij de opvoeding al bewust genoeg opgepakt.

Zo horen we vaak van gescheiden vaders, dat ze pas echt hun vaderschap zijn gaan invullen, toen ze gedwongen werden om alleen voor hun kind(eren) te zorgen. En dat ze dat zo’n verrijking vinden voor hun leven, dat ze die zorg nooit meer kwijt willen. Het zou toch jammer zijn om te moeten scheiden om die ervaring op te doen!

Wat ons betreft moeten vaders dan ook hun plek als vader bewust en doordacht innemen. Nadenken over het vaderschap – liefst vóórdat de eerste geboren is – maakt je relatie meer babyproof!

Ook Gottman, relatie- en gezinstherapeut en onderzoeker- stelt in zijn boek: “And baby makes three” het belang van de vaderrol aan de orde. Nadenken over vaderschap en daar bewust mee omgaan blijkt één van de voornaamste voorwaarden voor jonge stellen te zijn om gezinsuitbreiding goed te doorstaan.

Vaders gelukkiger door zorgen voor kinderen?

Vincent Duindam is een socioloog die sinds de jaren 90 de rol van vaders onderzoekt. Hij heeft vele vaders, die expliciet zorgtaken in het gezin hadden, jarenlang gevolgd. Uit zijn onderzoek bleek dat vaders gelukkiger worden van het zorgen voor hun kinderen. Hun band met de kinderen wordt hierdoor aanzienlijk versterkt, hun relatie met hun partner wordt veel beter. En – opvallend, maar begrijpelijk gegeven – mannen die voor kinderen zorgen, gaan ”onthaasten”.  Begrijpelijk, want ga maar eens haasten met kinderen: tien tegen een bereik je het tegenovergestelde :).

De ervaring met zorg geeft vaders een heel andere visie en perspectief op het leven. Volgens Duindam is die andere invalshoek een ”noodzakelijk tegenwicht in een tijd van prestatiedruk, flexibilisering en rendementsdenken”. Een samenvatting van zijn visie, geschreven door Dylan van Rijsbergen, kun je lezen in diens artikel:“Wat is er zo byzonder aan vaders?”

Een recent onderzoek van Sean de Hoon (gepromoveerd in april 2017) geeft echter een andere uitkomst. Het zorgen voor kinderen maakt mannen helemaal niet gelukkiger. Vaders zijn juist gelukkiger als ze fulltime werken! Volgens de Hoon komt dat doordat ze dan beter aan de verwachting voldoen dat de vader de kostwinner is. Het is me niet duidelijk of dat zijn eigen hypothese is of dat dit óók uit zijn onderzoek blijkt.

De rol van vaders

Uit onderzoeken blijkt tot nu toe de rol van vaders heel belangrijk te zijn in de ontwikkeling van taal en spel van het kind. Er is minder probleemgedrag bij kinderen die veel met hun vaders gespeeld en gestoeid hebben. Ze doen het beter op school, zijn socialer en kunnen beter omgaan met agressie.

Vaders durven vaak meer. Daarmee leren ze hun kind om niet zo bang te zijn, maar dingen gewoon uit te proberen. Het bekende voorbeeld is dat van vaders die hun kind de lucht in gooien en weer opvangen. Moeders houden vaak hun hart vast. (Overigens kan ik hen aanraden het zelf eens te doen: dan ontdek je dat het helemaal niet zo eng is ;).)

Volgens Keizer blijkt uit buitenlands onderzoek ook dat kinderen met betrokken vaders beter presteren op school, minder probleemgedrag vertonen en betere relaties aangaan. ”Maar of dat gedrag komt doordat de vader betrokken is, weten we nog niet precies. Dat is een van de kernpunten van mijn onderzoeken.’’ De bestaande onderzoeken zijn volgens haar namelijk beperkt, omdat ze zich voornamelijk op hoogopgeleide vaders hebben gericht. Daarmee zou de positieve invloed ook veroorzaakt kunnen worden door erfelijke factoren als intelligentie en beter economische hulpbronnen.

Lesbische ouders of BAM

Persoonlijk vraag ik me af of de rol van vaders specifiek gendergebonden is. Lang niet alle vaders zijn gelijk, net zo min als alle moeders. Uiteraard ontstaan stereotypen niet voor niets. Maar is een vader bijvoorbeeld zo veel minder angstig omdat hij man is? Of zou het verschil er in zitten dat hij het kind niet gedragen heeft en dus geen symbiose met het kind heeft gekend? Zou een niet-mannelijke opvoeder, die het kind niet gedragen heeft, niet hetzelfde doen?

Dat lijken mij belangrijke vragen voor lesbische of homo-ouderparen en voor Bewust Alleenstaande Moeders.

Al in 1996 promoveerde R. de Kanter op een onderzoek met als titel:”Een vader is een mannelijke moeder”. Zij vond – tegen haar verwachting in! – geen aanwijzingen dat kinderen van lesbische ouders een vader zouden missen en dat dit van negatieve invloed zou zijn op hun identiteitsontwikkeling.

Deze bevindingen worden bevestigd door Henny Bos, onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam. Het platform voor holebi-ouders Meer dan Gewenst had in 2013 een interview met haar over kinderen van same-sex-koppels.

Betrokken opvoeders

Ik ben geen onderzoeker. Maar ik denk uit al deze onderzoeken wel een conclusie te kunnen trekken. En die conclusie luidt: het is ontzettend belangrijk dat alle opvoeders, of ze nu man of vrouw, zijn serieus betrokken zijn op het kind en dat in hun gedrag concreet laten merken. Dus allemaal regelmatig tijd met het kind doorbrengen en zorgtaken voor het kind op zich nemen.

Ook Gottman benoemt dat het niet zoveel uitmaakt of de ”vaderrol” ook letterlijk door een man wordt gespeeld. Zolang de kenmerken van die rol maar ingevuld worden náást de kenmerken van de moederrol.

En een tweede conclusie lijkt me dat een kind méér – maar ook weer niet teveel – opvoeders heeft, zodat het met verschillende invloeden in aanraking komt. Dat maakt het dan ook weer belangrijk dat opvoeders niet teveel op elkaar gaan lijken, maar juist hun verschillen in ere houden.

 

______________________________________________________
Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit.
In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742.

Hier kun je je gratis abonneren op haar blogabonneer.

Discussie met je partner

Laatst kwam ik ergens via Twitter op een blog over ‘het grote ongeloof’. (Helaas kan ik het niet terugvinden, anders had ik een linkje gemaakt). Het ging in dit blog over organisaties met veel interne, tegengestelde belangen. De mensen in deze organisaties bleken eigenlijk niet echt te geloven, dat ze er ooit samen uit zouden komen. Bij alles wat er gebeurde, dacht iedere groep:”Zie je nou wel!”

Volgens de blogger  ontstaan er in zo’n organisatie twee soorten gedrag: de ene groep gaat steeds harder roepen en de andere doet er het zwijgen toe.

Het zal niemand verbazen dat we dit patroon ook regelmatig herkennen in relatietherapie:

  • discussie met je partner om hem/haar te overtuigen
  • of zwijgen: je past je aan je partner aan om een conflict te vermijden.

Beide houdingen zijn niet effectief. Misschien verbaast je dat en denk je dat het juist goed is om ruimte te hebben voor discussie. Maar wellicht bedoel je dan eigenlijk: ruimte te hebben voor verschil van mening. Daar ben ik het helemaal mee eens. Zolang dat verschil van mening maar geen meningsverschil wordt!

In deze post beschrijf ik hoe je dat kunt voorkomen.

Terugkerende problemen

Stellen hebben vaak weinig geloof in de veranderbaarheid van hun partner.  En eigenlijk ook niet zo in die van zichzelf. Deels hebben ze daar gelijk in. Mensen veranderen niet fundamenteel.
Mensen kunnen echter wel ontwikkelen en groeien: ze kunnen anders met situaties, met zichzelf en met hun partner om leren gaan. En dat is een belangrijke vorm van verandering.

Volgens onderzoek van relatietherapeut en -onderzoeker Gottman heeft elk stel zijn vaste probleempunten en veranderen die punten niet in de loop van de jaren.  Die punten komen namelijk voort uit de fundamentele verschillen tussen die partners. Hij zegt zelfs dat 68% van alle problemen tussen partners steeds over diezelfde punten gaan.

Ga je scheiden en ontmoet je een nieuwe partner, dan herhaalt zich daar het verhaal. Soms met dezelfde punten, soms met nieuwe. Maar ook daar zullen volgens Gottman 68% van de problemen weer over vaste thema’s gaan.

Wat ieder stel echter dus wél kan veranderen is de manier waarop ze met die onderlinge verschillen omgaan. En dat is noodzakelijk: om leren gaan met verschillen die er altijd tussen jullie blijven bestaan.

Verschillen verdragen

Dus niet proberen de ander te veranderen of van zijn/haar standpunt af te brengen. Maar elkaar respecteren en gezamenlijk over de verschillen van inzicht en aanpak praten. Samen proberen om tot een manier van omgaan te komen. Daarvoor is het nodig dat je anders leert denken over die verschillen.

Onderlinge verschillen zijn natuurlijk lastig, maar horen nu eenmaal bij een relatie.  Als de ander net zo moet gaan denken of voelen of zich gaan gedragen als jij, zou je een kloon, een kopie van jezelf krijgen.

Dan verdwijnt ook de dynamiek. Als er geen verschil meer is, is er ook geen contact meer. Dat is vergelijkbaar met het principe van elektriciteit: voor stroom zijn tegengestelde polen nodig. Het wegpoetsen van verschillen betekent het einde van de relatie!

Dus verschillen zijn onvermijdelijk en noodzakelijk!

Het is voor sommigen mensen angstig om verschillen te laten bestaan. Als je onzeker bent, wil je liever dat je partner je bevestigt door hetzelfde te denken als jij. Dus het vraagt stevigheid en basis in jezelf om te kunnen verdragen dat jullie verschillen. Bovendien vinden de meeste mensen verschillen niet leuk. dus als je je laat zien in je andere mening, inzicht, aanpak etc, kun je kritiek krijgen. Of teleurstelling. En daar moet je tegen kunnen, dat moet je verdragen. Jij mag jou mening hebben en de ander mag dat niet leuk vinden.

Niet iedereen leert van huis om verschillen te verdragen. Voor sommige mensen is het daarom nodig om daar in individuele therapie aan te werken.

Maar hoe lastig verschillen en tegengestelde belangen ook zijn, ze vormen wel de kern van je relatie.

Van discussie naar dialoog

Tegengestelde belangen en onderlinge verschillen leiden vaak tot discussies, waarbij het vanzelfsprekende uitgangspunt is dat de ene partner probeert de ander te overtuigen of te veranderen.

Bij een discussie gaat je hartslag altijd omhoog. Gottman adviseert zelfs om elk gesprek te stoppen zodra je hartslag boven de 100 komt. Dan is de adrenaline zo hoog, dat je toch de rust niet meer hebt om naar elkaar te luisteren. je kunt dan beter een time-out nemen om af te koelen en afspreken dat je het een half uur of uur later nog een keer probeert. Of anders de volgende dag. Mocht het dan weer mis gaan, dan neem je opnieuw een time out.

Een discussie met je partner is fnuikend voor een relatie. Misschien zijn discussies per definitie wel fnuikend. Ze leveren namelijk altijd een verliezer op en dat is uiteindelijk voor niemand goed. Ze zorgen er ook voor dat de dynamiek verdwijnt, omdat de verliezer zich moet aanpassen aan de winnaar.

De enige manier om het constructief samen over tegengestelde belangen of meningen te hebben is de dialoog. In een dialoog is het doel niet dat er een winnaar uit de strijd komt. Het doel is dat beide partijen echt naar elkaar luisteren en elkaar begrijpen. Wat overigens niet hetzelfde is als het met elkaar eens zijn!

Dat betekent dat je tegen je partner zegt:”Schat, we denken hier dus verschillend over. Jouw mening is uiteraard net zo legitiem als de mijne. Ik ben echter wel geïnteresseerd in hoe jij tot jouw mening bent gekomen. Wil je me dat vertellen?”

En dan kom je met elkaar tot een dialoog. In een volgende post zal ik daar meer over uitleggen.

_____________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blogabonneer op blog.

groep mororrijders

Vermijd de midlifecrisis!

“Volgens mij heeft hij een midlifecrisis!`

Deze uitspraak horen we nogal eens in de therapiekamer. En vervolgens wordt de bewering gestaafd met opmerkingen dat hij een motor heeft gekocht, zijn haar heeft geverfd, veel meer op stap gaat met ´de jongens´, een blitse auto wil en als klap op de vuurpijl soms ook nog verliefd is geworden op een andere vrouw, meestal behoorlijk veel jonger dan de eigen partner.

We horen deze opmerking minder vaak over vrouwen, maar dat kan natuurlijk net zo goed.

Midlifecrisis of niet: ontevredenheid of ongelukkig zijn met je leven is een belangrijke oorzaak voor relatieproblemen en specifieker: voor vreemdgaan.

Midlifecrisis

Wat is nu eigenlijk een midlifecrisis? In Wikipedia staat het goed samengevat:

De midlifecrisis is een psychologisch verzamelbegrip voor de psychologische ontwikkelingsfase van mensen tussen de 35 en 50 jaar. Vaak wordt men op deze leeftijd geconfronteerd met zingevingsvraagstukken en wordt men daardoor uit balans gebracht. De term werd geïntroduceerd in 1965 door Elliott Jaques.

Die zingeving, daar gaat het om. In ieder leven komen een aantal fasen voor. In het begin is iedereen bezig met groei en ontwikkeling. de meeste mensen hebben zo hun dromen. Over wat ze willen bereiken of hoe hun leven er later uit zal zien. En zo rond hun 40e hebben de meeste mensen het huisje-boompje-beestje-verhaal redelijk geregeld. Waar de zingeving eerst vooral bestond uit het realiseren van toekomstdromen, is die toekomst nu gerealiseerd. En wat dan? We zijn in het westen niet zo goed in leven in het hier en nu.  We zijn gewend om onze energie op de toekomst te zetten. Dus wat moeten we nu, aan de andere kant van de 40? Als je verleden langzaam maar zeker groter wordt dan je toekomst?

Sleur

Als je dan niet oplet, sluipt het er langzaam in.  Je bent zo druk, dat je ’s avonds geen puf meer hebt om nog iets anders te doen dan neer te ploffen op de bank en een beetje te zappen. Alles in je leven heeft een beetje zijn plek gevonden, alles heeft een ritme, een routine. Alle projecten staan op de rails: het huis is gekocht, de kinderen zijn geboren, de promotie is gemaakt of aan je neus voorbijgegaan, je voelt dat je een dagje ouder wordt en laat op de sportschool steeds vaker verstek gaan. Er zijn geen grote problemen maar dat je nu ontzettend van het leven geniet, kun je ook niet zeggen.

En je partner, ach, die heeft je niet zoveel nieuws meer te vertellen.  “Mijn vrouw was een mooi boek, maar ik heb het uit”, is de dodelijkste opmerking die ik in dit kader ooit gehoord heb.

Dus dan komt die dag dat de vraag zich aandient: is dit het nu? Wil ik zo oud worden? Is dit nu het leven wat ik wil leiden? Leef ik zelf of word ik geleefd?

Dat is dan ook wat mensen die opeens verliefd worden, melden: dat ze eindelijk weer het gevoel hebben dat ze léven, dat ze geraakt worden, dat het bloed weer stroomt, dat het weer ergens over gaat. Niet voor niets worden veel mensen rond deze tijd opeens verliefd op een ander.

Is dit nu later?

Of misschien valt je leven je juist erg tegen. Heb je je uit de naad gewerkt en toch niet voor elkaar gekregen wat je wilde. En voel je je langzaam ouder worden, zonder dat al die dromen waargemaakt worden. Het leven heeft je misschien tegen gezeten.  Je bent wellicht in allerlei reorganisaties terecht gekomen, waardoor  je kansen verdwenen als sneeuw voor de zon. Of je bent je eeuwige liefde kwijtgeraakt aan een ander. Het leven een feest? Een grote middelvinger kan het leven krijgen!

Of misschien heb je al die tijd vooral gezorgd voor anderen. en heb je nu het gevoel:”En nu ben ík aan de beurt!”

Ook in die situaties kun je in een midlifecrisis terecht komen. Stef Bos heeft hier een prachtig lied over gemaakt: “Is dit nu later?”

In al die gevallen heb je het gevoel dat er méér in het leven moet zitten. Je neemt geen genoegen met wat je hebt en gaat – soms bijna obsessief – op zoek naar wat anders. Alles is beter, als het maar de sleur van je huidige bestaan doorbreekt.

Zelfonderzoek

Hoe zit dat bij jou, degene die dit leest? Heb jij nog echt plezier in je leven? Voel je regelmatig bezieling, inspiratie? Word je nog regelmatig geraakt? Kun je je nog verwonderen, echt blij zijn? Kun je genieten, zonder dat daar alcohol bij nodig is? En ben je af en toe ook verdrietig of echt boos? Voel je nog echte emoties of is alles afgevlakt?

Hoe is het met jullie relatie? Stel je nog wel eens ooit geïnteresseerde vragen aan je partner, of  vul je alles voor haar/hem in zonder dat te checken? Hebben jullie nog echte aandacht voor elkaar? Kunnen jullie nog samen lachen?

En hoe is met jullie seksleven? Vrijen jullie nog met elkaar en is dat tot wederzijdse tevredenheid of ´doe je het er maar mee´?
Stimuleren jullie elkaar nog in je persoonlijke ontwikkeling, in ambities?
Zijn jullie nog twee zelfstandige mensen of gaan jullie eindigen als de ingedutte stellen, die Youp van ’t Hek ooit beschreef, op twee dezelfde fietsen met twee dezelfde windjacks?

Het loont de moeite om regelmatig bewust stil te staan bij deze vragen. En de antwoorden eerlijk onder ogen te zien. Als de antwoorden negatief zijn, wordt het hoog tijd om het daar samen over te hebben. Om te gaan ontdekken hoe je die sjeu weer terug kunt brengen in je leven. Vanzelf gaat dat niet, al dacht je dat misschien wel. Een relatie blijft nooit vanzelf goed. Daar moet je blijvend in investeren.

Doe het nu, maak de balans op vóórdat je in die crisis terecht komt. Je doet er jezelf en je partner een groot plezier mee!

______________________________________________________
Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit.
In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742.

Hier kun je je abonneren op haar blogabonneer.

Valentijnsdag 2017

Morgen is het weer Valentijnsdag. De afgelopen jaren heb ik daar al het nodige over geschreven. Vorig jaar pleitte ik voor extra aandacht voor je relatie in de vorm van een ”heidag”. Ook schreef ik al ooit over de oorsprong van Valentijnsdag. En twee jaar geleden schreef ik over een Amerikaans onderzoek, waaruit zou blijken dat 66% van de mannen en 30% van de vrouwen liever seks heeft op Valentijnsdag dan een cadeautje krijgt.

Valentijnsdag als Dag van de Relatie

Veel mensen zien Valentijnsdag als weer zo’n commercieel gebeuren. Overgewaaid uit Amerika. En gelukkig nog enigszins beperkt in Nederland. Hier is het (nog?) niet zo’n gewoonte om elkaar een cadeau te geven op Valentijnsdag. Voor zover ik weet blijft het vooral bij het sturen van een kaartje aan je geliefde.

En precies dát vind ik eigenlijk wel een mooi idee. Er zijn immers verder eigenlijk helemaal geen algemene dagen speciaal voor je relatie. Er is moederdag en vaderdag, er zijn  zijn dagen voor dieren en voor kinderen. Een paar jaar geleden is er zelfs een ”dag van je ex” uitgeroepen. en natuurlijk besteden de meeste stellen aandacht aan hun trouwdag of de dag waarop ze elkaar hebben leren kennen. Maar een officiële dag speciaal voor je relatie? Die is er niet, behalve Valentijnsdag.

Dus wat mij betreft is het een goed idee om Valentijnsdag als Dag van de Relatie te zien. Een dag waarop je eens even extra stil staat bij jullie relatie en bij je partner.

Valentijnsidee

Wat zou je kunnen doen op zo’n Valentijnsdag voor de relatie? Uit eten, een bloemetje meebrengen, een kaartje sturen… dat zijn zo de bekende opties in Nederland. bloemisten weten dat heel goed: de rode rozen schieten in prijs omhoog!

Mijn suggestie sluit daarbij aan maar gaat nét iets verder. Ik zou je nl willen adviseren om eens even stil te staan bij je partner en jullie relatie en daar iets over op papier te zetten. In proza of in poëzie. Een eigen gemaakt tekstje of gedichtje waarin je zou kunnen beschrijven waarom je blij bent met je partner. Wat je aan hem of haar waardeert. En daarnaast zou je eventueel ook nog kunnen beschrijven wat jullie relatie van jóu nodig heeft. Ván jou, dus niet vóór jou. Wat zou jij kunnen doen om jullie relatie te verbeteren? Daar zou je iets over op kunnen schrijven. In een tekstje of in een gedichtje.

Het gedichtje kan op rijm of gewoon in een vrije vorm. Het kan een haiku worden of een sonnet of een rap. Het maakt niet uit. Als je er maar even tijd en aandacht aan hebt besteed. Op internet zijn hier ook allerlei tips over te vinden.

Voorlezen

Het mooiste is als je je tekst of je gedicht voorleest aan je partner. Dat is misschien nog best even spannend. Maar het zijn juist de momenten dat je samen even buíten jullie comfortzone gaat, die dat extra geven. Zoals ik ook beschreven heb in mijn post over sleur. Ga maar na, toen jullie net verliefd waren, was er ook veel spannend. Dat maakte het juist bijzonder. Inmiddels is er heel veel gewoon geworden.

Vanzelfsprekendheid

Als een relatie langer duurt verschuift de neiging om vooral complimenten te geven naar de neiging om ofwel kritiek te uiten ofwel níets meer te zeggen. Veel mensen vertellen elkaar nauwelijks meer wat ze zo in elkaar waarderen.  De vanzelfsprekendheid heeft het overgenomen. Uit het feit dat je er nog steeds bént, moet de partner maar afleiden dat h/zij nog van je houdt…

Dus doe het eens anders! Schrijf een tekst of een gedichtje en lees dat aan haar/hem voor. Maak daar even de tijd voor. Vraag hem of haar om even te gaan zitten. Zorg dat er ook even de rust is om je tekst echt aandacht te geven.

Je hoeft er niet persé voor uit eten, hoewel dat ook heel leuk kan zijn. Je kunt ook uit eten gaan in je eigen huis: eerst de kinderen naar bed (indien van toepassing) en dán pas samen gaan eten. Gewoon thuis. Kaarsje aan, muziekje aan, je allebei nog even feestelijk aankleden. Niet denken: ”Dat is thuis niet nodig.”  Gewoon even die moeite voor elkaar doen.

Maar je kunt natuurlijk ook na het eten de tv uitzetten, smartphones aan de kant en er even voor gaan zitten. Of ’s ochtends wat meer aandacht besteden aan het ontbijt en dán je gedicht voorlezen.

Ik wens jullie een speciale Valentijnsdag!

Ps ik ben zeer geïnteresseerd in eventuele teksten of gedichten. Maak vooral gebruik van het reactieformulier hieronder. Eventuele emailadressen worden niet getoond.

______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blog: abonneer op blog

Je relatie een sleur?

Jaren geleden werd ik gebeld door een student van de School voor journalistiek in Utrecht. Of ik mee wilde werken aan een opdracht en een interview wilde geven over sleur in je relatie. Dat wilde ik wel.

40 dagen zonder jou

Ze vertelde mij dat de EO start met een programma: ”40 dagen zonder jou”.  Ongetwijfeld geïnspireerd door de vastentijd – die duurt immers 40 dagen… wie weet dat nog ? 😉 – had de EO het volgende format ontwikkeld: stellen gaan 40 dagen uit elkaar om daarmee de sleur te doorbreken.

De studente vroeg mij of ik dat tijdelijk uit elkaar gaan een goede oplossing vond tegen de sleur. En wanneer er eigenlijk sleur ontstaat in de relatie.

Wat veroorzaakt sleur in de relatie?

Sleur is geen feit, sleur is een beleving. Je ervaart sleur in je relatie als je niet meer tevreden bent met de gang van zaken, als je aanvoelt dat er iets moet veranderen. Misschien zeg je dat ook: ”Er gebeurt nooit eens iets nieuws! Het is altijd hetzelfde”…. Je voelt je vast zitten in een patroon. Ik heb een keer een interview gegeven voor de Libelle over sleur in je relatie. Daarin vertel ik over de patronen, die langzamerhand in elke relatie sluipen. En soms het echte contact met elkaar gaan vervangen.

Nu is er op zich niets mis met patronen. Mensen ontwikkelen steeds opnieuw patronen omdat ze die nodig hebben: ze geven rust, structuur en ritme. Alleen: patronen hebben een beperkte houdbaarheidsdatum. Op een gegeven moment voldoen ze niet meer, worden ze ervaren als sleur. En dat is dan het signaal dat er iets moet gebeuren.

En er is nog iets anders: patronen hebben het voordeel dat je ze zonder er echt bij stil te staan, uit kunt voeren. Je hoeft er niet over na te denken, niet bij te voelen. Je doet het gewoon vanzelf  en je weet van tevoren waar je uitkomt. Makkelijk, kost weinig energie.

Elk voordeel…

Alleen: je bent je er dus vaak niet meer bewust van waarom je iets nou eigenlijk doet. Je maakt geen keuzes meer, je denkt niet na over alternatieven.

En als alles al vast ligt, hoef je nergens meer over te praten! Je wordt, voor je het weet, zo’n stel dat zwijgend samen op een terras zit. Gezellig uit eten, maar ze hebben elkaar niets meer te vertellen!

Dus dat wat enerzijds het voordeel is, wórdt het nadeel. Want omdat je geen bewuste keuzes maakt, kun je opeens het gevoel krijgen dat je vast zit. Alsof je niet elk moment de keuze tot veranderen zou hebben! Zodra je je immers van een patroon bewust geworden bent, kun je gaan nadenken over alternatieven.

Tijdelijk uit elkaar?

De EO koos ervoor om in hun programma de stellen ruim een maand niet samen te laten wonen en zo de sleur te doorbreken. In 8 afleveringen worden 8 verschillende stellen gevolgd. Overigens is lang niet bij alle 8 stellen sleur de oorzaak van de ontstane relatieproblemen. Helaas is de serie niet meer te zien. Op de site staat nog wel een beschrijving van de 8 stellen en de aard van hun problemen.

Wij krijgen ook vaak de vraag of het niet verstandig is om tijdelijk uit elkaar te gaan. Daar bestaat geen eenduidig antwoord op. Soms is dat een goede keuze, zeker als er agressie in het spel is. Het kan ook een goede keuze zijn als mensen heel erg met elkaar verweven zijn. Als ze tevéél ”samenvloeien”. We leggen hier meer over uit op onze pagina over onze visie op relatietherapie onder het kopje ”contactcirkel”. Als je ervoor kiest om tijdelijk uit elkaar te gaan, is het wel belangrijk om in die tijd een goed begeleidingsprogramma te hebben.

Stilstaan bij sleur in je relatie

Een andere optie is om de stellen juist in het dagdagelijkse leven zich bewust te laten worden van de gegroeide patronen. In relatietherapie staan we samen met de cliënten stil bij de patronen, die in de loop van de tijd gegroeid zijn. En we onderzoeken samen of die patronen nog functioneel zijn, met welke aspecten ervan  beide partners nog tevreden  zijn en met welke niet. We vragen hen te experimenteren met alternatieven, en bespreken de opgedane ervaringen.

Kleine veranderingen hebben soms al een grote impact. Zo doen we wel eens de suggestie om een tijdlang te veranderen van plek aan tafel en/of in bed. Of om eens van taken te wisselen. En dan vooral met elkaar uitwisselen hoe je die verandering ervaart!

Doe eens gek!

Bekend is bijvoorbeeld ook dat sommige stellen juist op vakantie weer nader tot elkaar komen. Zowel door de tijd voor elkaar als door het samen gericht zijn op iets nieuws. Vooral als dat nieuwe nét even buiten je comfortzone ligt en een klein beetje spanning oproept. (Teveel nieuwigheid roept weer teveel stress op, dus dat werkt averechts.)

En wat ook helpt: doe eens gek! Veel Nederlanders zijn opgevoed met het moralistische zinnetje:”Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg”. In zo’n uitspraak zit de sleur al ingebakken. We hebben een kermis of carnaval nodig om gelegitimeerd gek te mogen doen. Dus doe ook door het jaar heen eens gek. Iets ongewoons. En straf je partner niet af, als díe probeert iets geks te doen.

Vaste afspraken maken om echt aandacht aan elkaar te besteden, zijn ook vaak helpend. Je kunt dat bijvoorbeeld doen door minder met het bord op schoot voor de tv te gaan zitten, maar samen aan tafel. En dan zonder mobiel of krant maar met echte aandacht voor elkaar.

Persoonlijke ontwikkeling

Mensen die zelf actief en bezig blijven, zullen in hun relatie niet gauw in een sleur belanden. Ze blijven zichzelf ontwikkelen en brengen dus ook steeds nieuwe thema’s mee naar huis. Doordat beide partners daarin aandacht voor elkaar blijven houden en elkaar in die ontwikkeling stimuleren, blijft de relatie levendig.

Dus de belangrijkste insteek is eigenlijk: zorg dat je zelf niet stil gaat staan. Dat je zelf niet vastroest. Want jij bent de helft van de relatie. Natuurlijk kan het op zich ook weer problemen opleveren als jij verandert en je partner staat stil. Maar crisis is kans. En crisis is in ieder geval geen sleur.

Hilarisch

Wat ons betreft hoef je dus niet tijdelijk uit elkaar om een sleur te kunnen doorbreken. Het enige wat echt nodig is, is dat je bewust gaat onderzoeken welke patronen voor jou het gevoel van sleur veroorzaken. Dat je stilstaat bij wat je daarin zou willen veranderen. En daarin dingen gaat uitproberen. Alleen of samen. En in ieder geval: dat je het daar samen met je partner over hebt.

Een grappige column om een relatie fris en fruitig te houden stond onlangs in de NRC. Ik zie niet elk stel het hierin beschreven voorbeeld opvolgen. Het verhaal is echter wel hilarisch. En samen lachen doorbreekt in ieder geval ook de sleur! Ik deel het dan ook  graag met jullie:
https://www.nrc.nl/nieuws/2017/01/25/de-affaire-6377147-a1542857

 

______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blog: abonneer op blog

 

Relatieproblemen door komst baby

Op 7 november j.l. organiseerden de PvdA en de Christenunie samen een bijeenkomst in de Tweede Kamer met deskundigen onder de titel: ”Hoe babyproof zijn relaties?” Aanleiding was een brandbrief van een aantal deskundigen en instellingen uit de jeugdgezondheidszorg over het grote aantal kinderen dat een scheiding meemaakt.  Dat overkomt in Nederland namelijk 70.000 kinderen per jaar. Onderzoek leert dat kinderen van gescheiden ouders zelf ook weer eerder scheiden. Dus zonder maatregelen zal dit aantal kinderen alleen maar toenemen.

Als relatietherapeut herken ik het beeld. Wekelijks zie ik uitgeputte  jonge ouders, die elkaar aan het kwijtraken zijn. Ze zijn doodmoe en ergeren zich aan alles van elkaar. Kleine irritaties monden steeds vaker uit in ruzies. En die ruzies escaleren steeds vaker in eindeloze gevechten. Of in ijzige stiltes.

En dit zijn dan nog de ouders die hulp zoeken…

Gebrek aan nachtrust is niet het enige

Het bekendste probleem bij de komst van een baby is natuurlijk het gebrek aan nachtrust. Er zijn echter veel meer zaken, die jonge ouders tegenvalt:

De 24/7 verantwoordelijkheid, die een baby opeens met zich meebrengt.
Het niet meer even uit kunnen gaan, als je er zin in hebt.
Het feit dat het schema van de baby opeens altijd vóór gaat. En dat je een onrustige baby krijgt, als je dat níet doet.
De verantwoordelijkheid voor zo’n hummeltje en de ongerustheid, die dat met zich mee kan brengen.
De impact van borstvoeding, zeker als die niet helemaal naar wens verloopt.
Problemen met de huishoudelijke organisatie en taakverdeling.
Gebrek aan aandacht voor elkaar als partners. Geen of weinig zin in vrijen…
Enzovoort enzoverder.

Sommige stellen redden het desalniettemin heel goed en vormen een hecht team. Ze bespreken rustig samen alle problemen en komen tot een oplossing, die voor beiden werkt.

Er zijn echter ook stellen, die het niet lukt om problemen goed uit te praten. Die elkaar vanuit onmacht en oververmoeidheid steeds meer verwijten gaan maken. Die langzamerhand meer elkaars tegenstanders dan partners lijken te worden. Die zich afvragen:”Hoe heb ik ooit verliefd op hem/haar kunnen worden?” Die steeds meer op een scheiding afstevenen. En die zich schamen om hulp te zoeken…

Jonge vaders en moeders vaak even onervaren

Twee generaties geleden deden de meeste jonge vrouwen  al vroeg ervaring op met baby’s en kinderen.  Zo had ik zelf als oudste kleindochter op allerlei familiefeesten automatisch de zorg voor mijn jongere broertje en zusje en voor alle jongere neefjes en nichtjes. Ik verschoonde de ene poepluier na de andere, gaf flesjes, liet de baby’s boeren, wiegde ze in slaap, deed spelletjes met de peuters etc. Als 11-jarige ging ik bij een tante logeren, die net een baby had en deed ik zelfstandig die baby in bad. Vanaf mijn 14e had ik vaste oppasadresjes met kinderen in allerlei leeftijden. Kortom, ik was behoorlijk ervaren met baby’s en kleine kinderen toen ik op mijn 27e zelf mijn eerste baby kreeg.

Met de kleinere gezinnen en de minder grote familieband hebben lang niet alle jonge vrouwen deze automatische ”scholing”. Tegenwoordig is de eerste luier, die een jonge moeder verschoont vaak die van haar eigen baby. Ze heeft net zo weinig ervaring als de jonge vader. Maar: er heerst bij beiden nog wel het idee dat de moeder het beter zou weten dan de vader!

Dat geeft van van het begin af aan een ongelijkheid. Bijna automatisch wordt door de jonge vader verwacht dat de jonge moeder de regie neemt. En bijna automatisch zet de moeder de symbiose met hara baby voort, die er natuurlijk in de baarmoeder was. Als de baby te lang blijft huilen, geeft hij hem gauw aan haar of strekt zij haar armen al naar de baby uit. Voordat hij zelf na heeft kunnen denken, zegt zij al hoe iets moet. En hij vraagt op zijn beurt bij alles hoe zíj het wil.

Terwijl zij vaak net zo onzeker is en het eigenlijk óók niet precies weet! Zij kan hierdoor het gevoel krijgen dat ze er alleen voor staat. Hij kan zich buitengesloten gaan voelen.

Verschil tussen vader en moeder

Mannen hebben vaak een nuchterder en pragmatischer visie. Van daaruit moeten zij soms de moeder begrenzen. Vrouwen voelen – door de symbiose die ze met de baby hadden in de zwangerschap – de baby vaak beter aan. Daar kunnen zij de vader weer over informeren. Beide aspecten zijn belangrijk.

Overigens geldt ditzelfde verschil ook in vrouw-vrouw gezinnen tussen de biologische en de niet-biologische moeder. En ook bij mannenstellen, die een baby adopteren, zal er een rolverdeling ontstaan. Gewoonweg omdat ouders per definitie balanceren tussen gevoelsmatig en verstandig reageren, tussen vertrouwen en bezorgdheid. En beide kanten zíjn ook nodig in elke opvoeding. Het is juist de combinatie van deze en andere aspecten die de balans brengt.

In elk systeem dient zich daarom vroeger of later altijd die tegenpool aan. Als de één ”links” zegt, kan de ander geneigd zal zijn om ”rechts” te zeggen. Of minstens de behoefte voelen om dat rechts te onderzoeken. En al helemaal als het om je baby gaat. Per definitie.

Het is belangrijk om dat als stel te weten. Je partner zit je niet te pesten als h/zij het niet met je eens is! Hij wil ook de andere kant onderzoeken. Om daarna de beste keuze te kunnen maken. Zo werkt dat nu eenmaal. Zoals na regen altijd ooit weer zonneschijn komt. Of zoals geluksmomenten altijd weer plaats zullen maken voor de dagelijkse werkelijkheid. Dat is een soort natuurwet.

Natuurlijk zijn er ook stellen die het altijd met elkaar eens waren. Maar dat kan na de komst van een baby opeens veranderen. Want het gaat niet meer alleen om jezelf. Je moet nu ook nadenken voor dat hummel, dat nog niets kan zeggen.

Omgaan met verschil van mening

In een relatie betekent dat dus dat je moet kunnen omgaan met verschil van mening. Dat je er tegen moet kunnen als je partner iets anders wil dan jij. Dat je bereid moet zijn om naar zijn of haar argumenten te luisteren. Om die vervolgens zelf te onderzoeken en te bepalen wat je daarvan vindt. En om er rustig met elkaar een gesprek over te voeren. Geen discussie van wie er gelijk heeft, want het gaat niet om gelijk krijgen. Het gaat erom dat je samen tot de beste oplossing of de beste aanpak  komt.

De slagzin, die ik vaak tegen partners zeg, is dan ook: ”Geen discussie maar dialoog”. Want bij een dialoog gaat het niet om winnen of gelijk krijgen. Bij een dialoog gaat het erom dat je de ander leert begrijpen. Wat weer niet hetzelfde is als het met elkaar eens worden. Dat is het belangrijkste wat alle partners te leren hebben.

Ouder én partner zijn

Een ander probleem is de aandacht voor elkaar. Door alle drukte komen veel ouders niet meer toe aan zichzelf en aan elkaar. De baby gaat vóór alles. In het beste geval gaan de jonge ouders nog om de beurt sporten. Maar daar houdt het dan ook mee op. Met z’n tweeën nog iets leuks doen? Dan moet er altijd eerst een oppas geregeld worden en dat is niet voor elke jonge ouder zo eenvoudig.

Maar ook samen thuis echt aandacht aan elkaar besteden, schiet er vaak bij in. Elkaar de vraag stellen: ”Hé lieverd, hoe ís het met je?” Of  elkaar met échte aandacht en niet snel/snel een knuffel of een kus geven.

Gottman, een Amerikaanse onderzoeker naar relaties, heeft ontdekt dat een mens 6 seconden nodig heeft om bij een kus of een knuffel je aandacht écht op de ander te richten. Dus minder dan 6 seconden voelt niet als echte aandacht. We geven daarom stellen vaak de opdracht om elkaar elke dag minstens één keer een 6- seconden-kus te geven. En wat zijn nu 6 seconden….?

Relatieproblemen na komst baby

Uit een onderzoek in 2015 in de vinexwijk Vathorst in Amersfoort bleek dat 83% van de ouders na de geboorte van hun eerste kind relatieproblemen had. En ruim de helft was gescheiden voor het eerste kind 5 jaar was.

Amerikaans onderzoek van Gottman laat eenzelfde beeld zien: 2/3 van alle relaties verslechtert aanzienlijk binnen 3 jaar na de geboorte van een kind. En 50% van de jonge ouders is gescheiden voordat het eerste kind 5 jaar is!

Is je relatie babyproof?

Reden genoeg om je af te vragen of je relatie babyproof is. Zijn jullie voorbereid op de problemen die het krijgen van een baby met zich meebrengt? Kunnen jullie goed omgaat met verschillen van meningen? Weten jullie van elkaar hoe de ander reageert onder stress? En hoe je daar als partner het beste mee om kunt gaan? Hebben jullie van tevoren samen nagedacht over zaken, die voor ieder van jullie belangrijk zijn? Zoals: wie gaat er ’s nachts uit als de baby huilt?  Hoe gaan we om met zijn week skiën met vrienden? En met haar behoefte om nog een extra opleiding te doen, waardoor ze veel weg is? Gaan we echt nu nog dat nieuwe huis kopen waar ook veel verbouwd moet worden? Welke sociale verplichtingen slaan we over als we moe zijn? Welke rol geven we opa’s en oma’s? etc

Voorbereiden op komst baby

Als ouders, al voordat de baby komt, geleerd hebben om effectief met hun conflicten om te gaan, scheelt dat al een slok op een borrel. Het helpt enorm als ze van elkaar weten, hoe ieder reageert onder stress en geleerd hebben hoe daar mee om te gaan. Als ze over een aantal belangrijke zaken van tevoren samen hebben nagedacht, die je als jonge ouders nu eenmaal tegenkomt.

Er zijn echter nog niet zoveel trainingen of cursussen voor jonge ouders die over dit soort relatie-aspecten gaan. Reden waarom ik een mini-training voor aanstaande ouders heb ontwikkeld. Met als titel:”Is je relatie babyproof?

Lees hier meer over op mijn pagina: Relatietrainingen.

 

______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blog: abonneer op blog

 

Romantische liefde in een relatie: een illusie?

Het is een grappige gedachte om bij stil te staan: het idee dat een huwelijk of vaste relatie een uiting van romantische liefde  zou moeten zijn,  is eigenlijk pas een goede eeuw oud.

Verstandshuwelijk

In het huwelijk was vroeger namelijk geen sprake van romantiek. Jij of je ouders kozen een partner op grond van een aantal redenen, maar verliefdheid was er géén van! De vrouw zocht een nette man had, die brood op de plank bracht, gezond was en niet sloeg of dronk. En een man zocht een vrouw, die hem kinderen kon geven, goed voor die kinderen en het huishouden kon zorgen en hem regelmatig ”terwille” was. Man-man- of vrouw-vrouw-relaties  bestonden er toen natuurlijk ook, maar beslist niet openbaar.

Het huwelijk was vooral een pragmatische overeenkomst. We spreken dan ook wel over een verstandshuwelijk. En als je geluk had, groeide er langzamerhand liefde of tenminste vriendschap.

Romantische relaties waren er natuurlijk altijd al. Maar die vonden vooral plaats buíten het huwelijk. Stiekem of in ieder geval onofficieel. En daardoor bleven die romantische relaties ook romantisch. Het is immers heel anders of je elkaar maar af en toe stiekem mag zien of dat je alle dagen in elkaars buurt bent, elkaars vuile sokken in de wasmand gooit of ’s nachts wakker wordt van het gesnurk van je partner….

Leven volgens je gevoel

In de Romantiek veranderde dit idee over het huwelijk. De Romantiek is een periode in de kunstgeschiedenis. Ze vond plaats eind 18e, begin 19e eeuw. In deze periode legden kunstenaars veel nadruk op het uiten van hun gevoel. De periode ervóór had de nadruk vooral gelegen op de rationaliteit van de mens. En zoals dat altijd gaat kwam er dus nu een periode, waarin het tegenovergestelde aan bod kwam. Het werd nu belangrijk om te leven volgens je gevoel en dat gevoel ook te uiten. En dus werd het ook belangrijk om te trouwen met iemand van wie je erg veel hield.

Relatie vanaf eind 20e eeuw

Vanaf zo ongeveer het eind van de 20e eeuw lijken we opeens deze twee benaderingen te willen combineren. Een huwelijk – of vaste relatie – moet zowel pragmatisch de beste keus zijn àls voldoen aan al onze romantische eisen. En in ons tijdperk van persoonlijke, individuele ontwikkeling verwachten we ook dát nog van een relatie: we willen de ruimte en de stimulans om ons persoonlijk te kunnen ontwikkelen.

Wat stelt dit allemaal voor eisen aan onze partners? Zoals Esther Perel (relatietherapeute en seksuologe) het formuleert:”We turn one person to provide what an entire village once did”. Onze partner moet in zijn of haar eentje opleveren waar vroeger een heel dorp voor garant stond.

Of nog concreter: een partner moet naast medekostwinner ook onze beste gesprekspartner en beste sekspartner zijn. We willen ons emotioneel veilig voelen bij onze partner en tegelijk willen we dat het spannend blijft. We willen trots op hem/haar kunnen zijn qua maatschappelijke prestaties. En daarnaast willen we dat h/zij de beste ouder voor onze kinderen is. We willen dat onze partner een steun en toeverlaat is en ons stimuleert om te groeien.

Met andere woorden: we willen alles. Want ook hier geldt: ”The sky is the limit.”

Omgaan met beperkingen

Altijd maar het volmaakte najagen, levert m.i. veel stress en ontevredenheid op in onze samenleving. We leren niet meer omgaan met beperkingen en komen daardoor op een gegeven moment van een koude kermis thuis. In al het harde werken en najagen van allerlei prestaties, blijkt het geluk uiteindelijk niet te vinden. Integendeel. Het levert steeds meer ontevredenheid op.  We hebben niet geleerd om stil te staan en te genieten van wat er is. We gaan altijd voor wat er nog niet is. Het glas is altijd half leeg…

Ik ben ervan overtuigd dat alle relaties op een punt komen, waarin de partners met de beperkingen ervan moeten leren omgaan. Als je dat niet leert, kun je scheiden en een nieuwe relatie aangaan. Maar ook met die relatie kom je weer op hetzelfde punt. Als je oud wilt worden met je partner, zul je moeten leren kijken naar wat je relatie met hem/haar je wél biedt ipv wat ze níet biedt.

De pedagoog Winnicott zei ooit, dat een moeder niet volmaakt, maar  ”goed genoeg”  moet zijn. Ik  zou in navolging van Winnicott de stelling willen poneren dat een relatie niet volmaakt, maar  ”goed genoeg” moet zijn.

Romantische liefde

Romantische liefde is geen illusie; ze bestaat. Ook in langdurige relaties. Op een byzonder moment in je vakantie. Of op een mooie zomeravond in de tuin.

Maar ook op de momenten van teleurstelling en van twijfel. Van uithouden soms. Of keihard werken aan verbetering. Dan is liefde niet iets wat je in de schoot komt vallen, maar echt een werkwoord. Dan moet je knokken om er samen sterker uit te komen.

Of dat romantisch is? Zeker! De grootste romantische kunstenaars zijn zij die ook het diepst pijn konden lijden. En die pijn wisten om te zetten in de mooiste muziek of de prachtigste schilderijen. Echte romantiek bestaat niet alleen maar uit het resultaat, maar ook uit de weg er naar toe.

Dat vergeten we misschien wel eens…

 

______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blog: abonneer op blog

 

 

 

 

 

 

Waarom mislukken mijn relaties steeds?

Sommige mensen hebben een gelukkige langdurige relatie. Anderen stellen zich regelmatig de vraag:”Waarom mislukken mijn relaties steeds?”

Die vraag naar het mislukken van relaties werd het onderwerp voor de promotie van psychologe Tila Pronk. Al gauw had ze een hypothese: ze vermoedde dat het mislukken van relaties  te maken had met een gebrek aan zelfbeheersing, in vaktaal ”executieve controle” genoemd. Op 28 april 2011 promoveerde ze op dit onderzoek. Naar aanleiding van haar promotie zocht ik contact met haar, wat resulteerde in een samenwerking. Ze hielp mee met een onderzoek in mijn praktijk en voegde daar haar eigen vragen aan toe.

Zelfbeheersing

Executieve controle is een verzamelterm voor het vermogen van een mens om zich te beheersen en doelgericht te handelen. Het gaat dus om handelen, waarbij je je niet laat afleiden van je doel en in staat bent om je impulsen in een andere richting dan je doel, te onderdrukken. Je onderdrukt die impulsen omdat je beseft dat ze je van je doel zullen afleiden of afhouden. Je zou daarom kunnen zeggen dat executieve controle te maken heeft met allerlei vormen van zelfbeheersing en discipline op grond van verstandelijke overwegingen.

Tila Pronk vermoedde dat een mens voor het behouden van zijn/haar relatie op diverse momenten de nodige zelfbeheersing of executieve controle nodig heeft. En dat dus diegenen, die over meer zelfbeheersing beschikken, ook  beter in staat zullen zijn om hun relatie te beschermen en in stand te houden.

De winst van zelfbeheersing

Ze onderzocht daartoe in hoeverre mensen die goed zijn in executieve controle – wat ze aan de hand van allerlei testen eerst vaststelde – beter zijn in:

a. hun partner vergeven ipv wraak te nemen nadat ze ernstig gekwetst zijn;

b. zichzelf beheersen bij het zien van een aantrekkelijke man/vrouw ipv daarmee te gaan flirten;

c. op het moment dat hun eigenbelang in het geding is, zichzelf opofferen ten gunste van hun partner.

Haar keuze voor deze drie aspecten is gebaseerd op ander onderzoek, waarin deze aspecten belangrijk bleken voor het behoud van een relatie.

Pronks onderzoek bevestigde haar hypothese. Mensen met een grotere mate van zelfbeheersing zijn beter in staat hun relatie te beschermen dan mensen met een lagere mate van zelfbeheersing. De mate van executieve controle – zelfbeheersing/discipline – speelt dus een grote rol. En dit vermogen tot executieve controle lijkt vastgelegd te zijn in de hersenen.

Vanuit mijn ervaring als relatietherapeut denk ik dat dit klopt. Veel relatiecrises ontstaan immers doordat mensen zichzelf níet beheerst hebben. Bijvoorbeeld in ruzies of in vreemdgaan. Het lijkt dus logisch dat mensen, die van nature moeite hebben met zelfbeheersing, eerder de fout in zullen gaan dan mensen, die dat níet hebben.

Thuis ”jezelf ” zijn?

Wat mij betreft speelt er echter nog een ander aspect mee. Heel vaak maak ik mee dat mensen zich in hun relatie dingen permitteren, die ze op het werk of bij vrienden nooit zouden doen. Dus ze beschikken op hun werk of bij vrienden wél over die zelfbeheersing, maar thuis niet…

Dit zijn vaak mensen die het idee blijken te hebben:”Thuis wil ik gewoon mezelf kunnen zijn”. De kwaliteiten, die zij- maar vaker hij –  op zijn werk inzet, gebruikt hij thuis opeens niet meer.

im-right-1458410Op het werk of bij vrienden is hij aardig, vriendelijk, kan hij tegen een grapje, kan hij goed luisteren en rustig zijn visie geven, is een discussie gewoon een verschil van mening… En thuis is hij onaardig, chagrijnig, snel op zijn teentjes getrapt, wordt een discussie snel ruzie, wil hij altijd gelijk krijgen, is hij ongeduldig.

‘Jezelf zijn’ blijkt voor deze mensen te betekenen: ‘je vooral niet (meer) in hoeven te houden of moeite hoeven te doen’. Een relatie is voor hen kennelijk vooral: het bieden van dit soort thuis.

Waarop ik altijd vraag: ”Je wél inhouden is blijkbaar óók een deel van jezelf. Je doet dat immers op je werk of bij vrienden wel. Waarom krijgt thuis (lees: je partner en/of je kinderen) dan juist het slechtste deel van jezelf?”

Een déél van het antwoord op de vraag:”Waarom mislukken mijn relaties steeds?” zou dan ook kunnen zijn: omdat in jouw ogen de relatie er vooral is om jou een thuis te bieden, waar jij je niet hoeft te beheersen. Je beschíkt wel over de vaardigheid zelfbeheersing, maar thuis neem je niet meer de moeite om die in te zetten.

Tevéél zelfbeheersing

Moet je je dan altijd maar inhouden en beheersen? Nee, tevéél zelfbeheersing werkt ook niet goed! Als je je zó vaak beheerst dat je je voortdurend aanpast, heeft dat vroeger of later ook een negatief effect.

We zien veel stellen waarbij één van de partners zich zo lang heeft aangepast dat hij – maar vaker zij – zichzelf daarin is kwijt geraakt. Zo’n partner heeft vaak een o.i. verkeerde visie op relaties. Ze denkt dat het in een relatie vooral belangrijk is om jezelf weg te cijferen en er te zijn voor de anderen. Daardoor staat ze niet meer stil bij wat zij zelf wil.  Ze kijkt alleen nog maar wat haar partner en/of de kinderen willen.

Tot ze opeens – door welke gebeurtenis dan ook – er achter komt, wat ze al jaren aan het doen is. Ze gaat in therapie om voor zichzelf op te leren komen. En opeens schiet ze de andere kant op. Opeens is ze nóóit meer flexibel, overal heeft ze het gevoel bij: ”Nou ben ík aan de beurt”. Ook dát kan een relatie stuk maken. 1)

Het kan ook zijn, dat je partner je door al dat aangepaste gedrag uiteindelijk niet meer leuk vindt. Je lijkt eerder een soort kopie van hem of haar geworden te zijn, dan dat je zélf nog iets uitstraalt. Je partner mist het weerwoord, misschien zelfs af en toe een kritische noot. Wás je af en toe maar wat impulsiever in plaats van altijd maar met iedereen rekening te houden!

Dus: tevéél zelfbeheersing is ook niet goed. Het gaat er om dat je de middenweg bewandelt. Wél je mening geven, maar niet op een aanvallende manier. Wél voor jezelf opkomen, maar ook begrip blijven houden voor de ander.

Een ander antwoord op de vraag:”Waarom mislukken mijn relaties steeds?” kan dan ook zijn: omdat je je teveel aanpast en tevéél zelfbeheersing hebt.

Een goede relatie bevordert zelfbeheersing.

Het onderzoek van Tila Pronk kijkt vooral naar het individu, naar één speler in het veld, naar één partner. Vanuit het gezichtspunt van de Gestalttherapie is een relatie per definitie iets tussen twéé mensen. Het is altijd interactie. Gelukkig laten haar onderzoeksresultaten ook zien dat een goede relatie het vermogen tot zelfbeheersing op haar beurt juist bevordert! Als het goed gaat tussen twee mensen, zijn ze blijkbaar eerder geneigd om even na te denken voor ze iets doen. Om zich te realiseren wat ze op het spel zetten. Om rekening met elkaar te houden.

Dat is goed nieuws. Dat betekent dat je met die kennis ook je voordeel kunt doen als het slecht gaat. Onderzoek je mate van zelfbeheersing. Kijk of je er teveel of te weinig van inzet en kies de middenweg.

Ik weet niet of er ook onderzoek is gedaan naar het omgekeerde: of een goede relatie er ook voor zorgt dat je je niet tevéél gaat aanpassen, je teveel beheerst. Of misschien zouden we pas van een goede relatie moeten spreken als er een goede balans is tussen jezelf beheersen enerzijds en je impulsen volgen anderzijds.

 

  1. Als je in zo’n fase zit, heb ik maar één advies: ga in godsnaam naar een therapeut, die ook ervaring heeft met relatietherapie! En laat je partner dan regelmatig meegaan, zodat jullie samen met jouw ontwikkeling om leren gaan. Want als je op de verkeerde manier wordt aangemoedigd in dit voor jezelf opkomen, gaat het je ongetwijfeld je relatie kosten. 
______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blog: abonneer op blog

 

Huiselijk geweld

In mijn praktijk zie ik een enkele keer stellen, die elkaar echt slaan en schoppen. Ik zie echter bijna dagelijks stellen, waar sprake is van passieve en/of verbale agressie. Ook passieve en verbale agressie zijn vormen van huiselijk geweld, die diepe sporen na kunnen laten bij alle betrokkenen.

Passieve agressie

We spreken van passieve agressie als een partner zich terugtrekt en een muur optrekt ten opzichte van de ander. Ze reageren misschien zelfs heel beleefd, maar aan alles voel je dat er geen contact mogelijk is. De beleefdheid voelt ijzig aan. Er is geen openheid, geen bereidheid tot echte communicatie. Soms is er ook geen sprake meer van beleefde contactloze communicatie, maar wordt de ander letterlijk genegeerd. Meestal is het de man, die zich terugtrekt, maar er zijn ook vrouwen die er wat van kunnen!

Het is onverdraaglijk als je geen contact meer kunt krijgen met je partner. Als hij wel tegen je praat, maar je aan alles voelt dat hij/zij zich niet meer laat raken. Je kunt praten als Brugman, maar je komt niet binnen. De deur zit dicht. En hoe harder je er op bonkt, hoe meer die deur aan de binnenkant gebarricadeerd wordt.

Verbale agressie

Passieve agressie roept niet zelden verbale agressie op. Verbale agressie is agressie met woorden. Je partner achtervolgt je met woorden, verwijten, scheldpartijen, kleineringen, vernederingen…  Alsof zij/hij niet meer wil of kan ophouden met het verbale geweld.

Je partner houdt misschien niet meer op met schelden en kritiek, omdat ze contact wil: ze gaat dood aan die stilte, aan het negeren, aan het ijzig beleefd zijn. Zij/hij gaat net zo lang door, tot je reageert. Soms lijkt het wel op een mitrailleur, die maar doorratelt. En dan blijkt je muur is niet zo dik als hij lijkt: je hoort misschien de woorden niet, maar je hoort wel de intonatie, de voortdurende aanval. Nergens vind je rust, overal achtervolgen de verwijten je. Je trekt je steeds verder terug, óf: je haalt opeens uit. Woedend. Je laat de rem bijna helemaal los. Je gooit nog net die mooie vaas van zijn/haar moeder niet op de grond, maar verbaal haal je alles uit de kast. Nú is de maat vol.

Maar het kan net zo goed omgekeerd: dat het begint met verbale agressie en eindigt met passieve agressie. Je trekt je terug en zegt alleen nog het hoognodige, want je voelt je toch niet gehoord en niet begrepen. Je laat je partner niet meer toe. Langzamerhand word je een soort koelkast.

Zo vertellen partners ons over hoe ze zich voelen onder het geweld dat ze ervaren: de passieve agressie van de partner die zich terugtrekt en de verbale agressie van de partner, die zo graag contact wil. En vaak zitten ze hiermee in een vicieuze cirkel.

Huiselijk geweld

De meeste stellen noemen dit zelf geen huiselijk geweld. Toch is het dat wel. Het is grensoverschrijdend gedrag. Het is een vorm van communicatie waarin partners zichzelf niet meer (willen) beheersen. Waarin ze vinden dat ze het recht hebben om ”zichzelf” te zijn. Wat in dit geval betekent, dat ze alles willen kunnen zeggen of doen, wat op dat moment in hen opkomt. Ook al gaan ze daarmee over hun eigen grens en over die van hun partner. Ze laten hun eigen waarden en normen los, die ze op het werk of bij vrienden nog wel zouden hanteren. Ze ”trakteren” hun partner op hun slechtste eigenschappen, met als excuus dat hij/zij die dan maar niet op had moeten roepen. ”Thuis” lijkt alles geoorloofd…

De definitie van huiselijk geweld wordt op de website Voor een veilig thuis  omschreven als:

Huiselijk geweld is geweld gepleegd door iemand uit de huiselijke kring van het slachtoffer. Het gaat dan om partners, ex-partners, gezinsleden, familieleden of huisvrienden. Er is bij huiselijk geweld meestal sprake van een machtsverschil: het slachtoffer is afhankelijk van de pleger. Het geweld kan zowel lichamelijk zijn als seksueel of psychisch.

Niet zelden leidt de psychische vorm van huiselijk geweld uiteindelijk ook tot de fysieke vorm. En bovendien kunnen mensen ziek worden van psychisch geweld. Zoals de fysieke vorm van geweld per definitie ook psychische wonden oplevert.

Gevolgen voor de kinderen

Ook kinderen kunnen de dupe worden van passieve of verbale agressie tussen partners. Zij voelen de sfeer vaak feilloos aan en reageren daar op hun eigen manier op. Niet zelden gaan kinderen dan de agressie uiten, die de ouders inhouden, maar die wel voelbaar is. Ze worden lastig en maken zo (uiteraard onbewust) zichzelf tot de zondebok.

Ook kan het zijn dat zij ongewild dezelfde behandeling krijgen als de partner. De ruzie met de partner wordt dan op hen afgereageerd. Ze stuiten bij hun vader of moeder dan op dezelfde muur als waar de partner tegen aan loopt. Of ze krijgen te maken met (verbaal-)agressieve reacties.

Het tegendeel kan ook gebeuren: ze worden dan door één van beide partners ”gebruikt” om de warmte op te leveren, die bij de partner zo gemist wordt.  Of ze worden gebruikt als praatpaal of als argument. Hoe vaak hoor ik niet één van de ouders zeggen:”Ik wil ze er niet bij betrekken, hoor, maar de kinderen vinden ook dat….”  Vaak komen kinderen daardoor in een ernstig loyaliteitsconflict.

Week tegen kindermishandeling

De psychische consequenties voor kinderen zijn altijd ingrijpend. De veiligheid, die ze nodig hebben om op te groeien tot gezonde volwassen mensen, wordt hierdoor enorm aangetast. Deze week is het de week tegen de kindermishandeling. De oproep is hier vooral gericht aan de omstanders: ”Kijk niet weg! Meldt het of bel om advies met deskundigen als je vermoedt dat er sprake is van kindermishandeling! ”

Zoek hulp

Maar als het jezelf en je partner betreft: laat het niet zover komen. Realiseer je dat zelfbeheersing óók thuis noodzakelijk is. Waarom zou ‘thuis’ vooral het slechtste van jezelf moeten krijgen?

Doorbreek die vicieuze cirkel en sta stil bij wat je aan het doen bent. Is dit werkelijk wat je wil? Is je gedrag effectief?

Als er regelmatig sprake is van huiselijk geweld, ook al is het ”alleen maar” in de vorm van verbale of passieve agressie: zoek hulp!

______________________________________________________

Marike de Valk is Gestalttherapeut en geeft individuele, relatie- en gezinstherapie in Beuningen bij Nijmegen samen met haar collega Wilfried Sluys. Op haar site: https://www.mv-gestalttherapie.nl legt ze haar werkwijze uit. In haar blog (https://www.relatietherapie-nijmegen/blog/) schrijft ze over alles wat met partner- en gezinsrelaties te maken heeft. Ze geeft daar ook lezingen over. Ze is te bereiken via het contactformulier op haar sites of via 024-6751742. Hier kun je je gratis abonneren op haar blog: abonneer op blog

Page 2 of 9

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén